Landbouwprestaties in Israël (1988)
In een recent verschenen boek over Thailand komt ook de situatie van arbeidsmigranten naar Israël even ter sprake. Gastarbeiders vormen een onontbeerlijk deel van de veelvolkerenstaat die Israël in wezen is met als kenmerk een scherpe klassenscheiding, afhankelijk van herkomst en religie. Ook in de kibbutz wordt er volop gebruik van gemaakt, denk aan de gezondheids- en bejaardenzorg.
Rob van Vlierden is de auteur van THAILAND, ACHTER DE GLIMLACH, dat dezer dagen verschijnt bij Boekscout.
Vooraf echter “Made in Israel: Agriculture” vanuit christelijk perspectief. Toch maar goed dat de zionisten het land in bezit namen en Gods schepping ter plaatse gingen vervolmaken, zoals Mussolini hen dat in Italië had laten voordoen. Gelukkig is de socialistische idee achter het geheel niet meer nodig als propaganda. Wel nog de vraag, waar zijn al die vaak eeuwenoude olijfbomen gebleven?

Rob van Vlierden
Veel Thai migreerden van het verarmde platteland naar de steden, maar er zijn ook veel Thaise emigranten, die in andere landen gaan werken.
Toen Hamas op 7 oktober 2023 uit de openluchtgevangenis van Gaza brak en burgers doodde en ontvoerde, bleek dat er veel Thaise slachtoffers waren. Van de 200 ontvoerde slachtoffers hadden 23 mensen de Thaise nationaliteit. (Het Parool, 8 november 2023)
Het waren geen toeristen, maar gastarbeiders die voor bitter weinig geld op de boerderijen werkten. Sinds de jaren 90 organiseert Israël de import van landarbeiders uit Isaan, de armste streek in het noordoosten van Thailand die door de centrale overheid verwaarloosd wordt. De reden voor het Israëlisch beleid is dat sinds de Intifada de Palestijnse landarbeiders, die tot dan de goedkope arbeidskrachten geweest waren, als onbetrouwbaar, want opstandig, werden gezien en werden ontslagen.
Ruim 22.000 mensen uit Isaan werken nu in Israël. Voor Isaan is dat een beperkte groep van het totaal aantal emigranten, maar voor de landbouw in Israël zijn de Thaise migranten onmisbaar geworden.
Rapporten van Human Rights Watch en andere NGO’s tonen aan dat de arbeidsomstandigheden en de lonen vaak onder elke menswaardige en legale norm blijven. Alsof die illegale praktijken nog niet volstaan, werken de migranten op de illegale landbouwbedrijven van kolonisten in de bezette gebieden.
Tussen 2008 en 2013 werden in Israël bij de Thaise migranten 43 verdachte nachtelijke overlijdens gerapporteerd. Verdacht omdat het jonge mensen betrof die geen lichamelijke klachten hadden (wie niet gezond is, geraakt niet in Israël).
De Thai spreken van ‘lai thai’: overlijdens veroorzaakt door kwaadaardige geesten. De Israëlische instanties zijn er totaal niet in geïnteresseerd, zodat er geen zicht is op de doodsoorzaak van deze sterfgevallen.
Maew is een veertigjarige Thaise vrouw die in een Israëlisch landbouwbedrijf werkt, in de bezette gebieden in de buurt van Jericho. Ze werkt veertien uur per dag en verdient daarmee tussen de 35.000 en 45.000 baht per maand. Daarvan kan ze maandelijks 25.000 baht sparen, die ze opstuurt naar haar familie in Isaan. Aan de koers die geldt op het moment dat ik dit schrijf, is dat 650 euro. (Facebookaccount, The Isaan Record, 9 oktober 2023).
Het belangrijkste land waar Thaise arbeiders naartoe trekken op zoek naar een beter inkomen, is Zuid-Korea. Daar kunnen ze in de landbouw en in fabrieken zo’n 60.000 baht per maand verdienen. Honderdduizenden Thai, vooral uit Isaan, zijn gemigreerd naar Zuid-Korea. Ze vertrekken met een visum dat drie maanden geldig is en blijven daarna als ‘illegale’ werknemers aan de slag. Men noemt hen ‘phi noi’, kleine geesten, omdat ze zoals geesten onzichtbaar zijn voor het Koreaanse systeem.
“Wij zijn de bloemen die in Isaan niet kunnen bloeien,” zegt een poëtische arbeidster.
Er wordt door de Koreaanse overheid weinig ondernomen tegen de Thai zonder verblijfsvergunning, want de economie heeft deze arbeidskrachten broodnodig. Ik ken verschillende Thai die al jaren in Zuid-Korea aan de slag zijn. Ze onderhouden er hun familie mee en sparen geld om bij hun terugkeer een Thais bedrijfje op te starten. Vaak gaat het dan echter mis, want ze vergeten dat hun landgenoten geen koopkracht hebben, waardoor veel nieuwe bedrijven dikwijls snel overkop gaan.
Wie er nog erger aan toe is dan de Thaise arbeidsmigrant, is de arbeidsmigrant die in Thailand komt werken. Volgens het Ministerie van Arbeid waren in november 2020 ruim twee miljoen geregistreerde migranten actief uit buurlanden Laos, Cambodja en Myanmar. Daar mag je ongetwijfeld nog vele honderdduizenden mensen bijtellen, die zonder de vereiste documenten in de illegaliteit aan de slag zijn. Met alle gevolgen vandien: zeer lage lonen, lange arbeidsdagen, geen bescherming, kinderarbeid, geen vangnet in geval van ziekte of een ongeval … Het verschil met slavernij is helaas flinterdun.
BRON
SALON VAN SISYPHUS – 16 mei 2024
Uitgelicht: bron