Censuur bij de NRC

Sophia Loren: On set of “Boccaccio ‘70” in 1961




U kunt het teruglezen, mensen. In een discussie over de nieuwe opzet van de NRC op internet maak ik attent op een oudere gedachtewisseling. Daarin kom ik ook aan het woord. Bij het lezen van die discussie werden mensen wakker over wat er op de webredactie van die krant gebeurde. Daar mocht niemand weet van hebben en in allerijl werden mijn bijdragen verwijderd. Censuur zoals je het maar zelden tegenkomt. Ergo, de NRC vervalst de geschiedenis. Vandaar hier de complete discussie, die ik gelukkig tijdig had vastgelegd. Compleet met de inleiding van Kees Versteegh. Ik mag veronderstellen dat hij er geen bezwaar tegen heeft.
 


woensdag 2 december 2009 door Kees Versteegh
Waar mag de lezer ons aan houden? Waar staat NRC Handelsblad voor, en waar mogen lezers van de krant en bezoekers van de site ons -dus – aan houden? Op deze vragen probeert hoofdredacteur Birgit Donker (foto) een antwoord te geven in een filmpje dat wij op de website hebben geplaatst.
Met de webvideo en enkele andere nieuwe verantwoordings-elementen proberen krant en website hun journalistieke missie anno 2009 te expliciteren. Het belang daarvan neemt toe naarmate de varieteit in het aantal (nieuws-) sites toeneemt, waarbij het onderling verschil lang niet altijd duidelijk is.
Wat is de rol van commercie in de journalistieke producties ? Worden feiten en opinies wel altijd gescheiden? Bovendien zwerven individuele artikelen van websites door de toegenomen rol van zoekmachines steeds vaker door de blogosphere, zonder dat lezers ervan bekend zijn met het “merk NRC”.
Minstens zo belangrijk voor de journalistieke missie is de verwachting die de redactie heeft van de bezoeker. Door de toename van het aantal interactieve kanalen krijgt de bezoeker van een website een steeds grotere rol bij het bepalen van de (interactieve) inhoud van een journalistieke site. Daarmee helpen zij de huidige definitie van kwaliteitsjournalistiek bepalen, schrijven de Amerikaanse journalisten Kovach en Rosenstiel in hun baanbrekende boek over The elements of journalism.
Om de kwaliteit van publieke reacties te bevorderen modereert de redactie van nrc.nl – als een van de weinige nieuwssites – van te voren alle reacties die binnenkomen. De netiquette (regels voor interactie) is langer en gedetailleerder dan op veel andere sites. Ook dit beleid wordt explicieter gemaakt, in een dokument dat ter redactie in de wandeling wel de ” journalistieke bijsluiter” wordt genoemd.
Verder hebben we ons zogeheten Stijlboek op de site geplaatst. De lezer kan zien welke spelling- en andere taalregels NRC Handelsblad hanteert. Al langer stond dit stijlboek op een interne website, maar deze is nu ook toegankelijk gemaakt voor bezoekers. Daarnaast is het Stijlboek in boekvorm verkrijgbaar.
Alle hierboven genoemde elementen (filmpje, bijsluiter, stijlboek) zijn vooralsnog te vinden in de websectie Over de krant. Deze staat nu nog onderaan de homepage en elke andere pagina van nrc.nl. We zoeken nog naar een mooier, prominenter plekje bovenaan de pagina, zoals het eigenlijk hoort.
Wie opmerkingen heeft, en zaken op de site aantreft die niet sporen met de genoemde regels , kan mailen naar delezerschrijft@nrc.nl. Hieronder reageren mag natuurlijk ook.
Kees Versteegh is chef internet van NRC Handelsblad.

 


Dit verhaal is geplaatst op woensdag 2 december 2009 om 13:11 uur. U kunt reageren of trackbacken vanaf uw eigen site. (Wat is trackbacken?)

Dit bericht heeft 16 reacties op “Waar mag de lezer ons aan houden?”


1. sokrates
zegt:
woensdag 2 december 2009, 17:56 uur
Vragen die halve antwoorden inhouden en of vragen die aanvangen met: “U
begrijpt zelf toch wel dat…”, of: “Ik hoef u toch niet te vertellen… u weet zelf vast
wel…”, enzovoorts, zijn hopeloze niet-vragen.
Sportverslaggevers en politici hebben daar nogal eens een ‘mondje’ van.
Daarnaast schijnen weinig journalisten het woord los te kunnen maken van het
sentiment. Er wordt zelfs vanuitgegaan dat het om emoties zouden gaan. Zelden,
zéér zelden is dat terecht.
En tot slot zou het goed zijn stil te staan bij het niet langer spreken in
extremen. Balkenende: “Heel Nederland rouwt”, toen de bodybags huiswaarts
keerden. En sinds gisteren betreffende Ramses Shaffy: “Heel Amsterdam…”, en:
“Iedereen zal vandaag…”, enzovoorts. Vanzelfsprekend geldt dit ook voor
“Niemand die…”
Extremen, het spreken en of schrijven in uitersten is echter wèl altijd onjuist.
Denk ook aan W. Bush, met zijn: “Je bent voor of tegen ons.” Mag ik niet niet-
kiezen?
Denk ook aan het ‘bestaan’ van God. Dit is ook een niet-vraag, want het gaat
om het woord als definitie, niet om bestaan. Al met al… ik ben me vanuit mijn vak
zeker dat mensen onbewust louter woorden geloven, alwaar het woord nooit het
ding kan zijn. Woorden veroorzaken de conflicten, niet de dingen, want geen mens
lijdt door de dingen, maar door zijn eigen gedachten over de dingen. Of staan we
niet stil bij het onomstotelijke feit dat niemand ons boos kan maken, tenzij we dat
zelf toelaten? Tadaaaahhhhhh…..
Andreas Sokrates Leno

2. j.duvel
zegt:
donderdag 3 december 2009, 13:05 uur
Ik draag NRC nog altijd een warm hart toe, maar bemerk vooral de laatste 8
jaar teveel emotie in de verslaggeving. Het sterke punt van NRC was gewoon het
vastleggen van de nieuwsfeiten en meer niet. Ook niet met hypes meedoen: Eind
1990 werden de lezers bijna voor gek verklaard als je niet met de “nieuwe
economie” wilde meelopen. We weten allemaal hoe dat is afgelopen.
Natuurlijk verandert het hele krantenlandschap door allerlei nieuwe technieken
zoals internet, e-readers etc. En daar kun je niet omheen, maar het is geen
vervanging van het papier, hooguit een aanvulling op de wijze waarop lezers
straks het nieuws kunnen raadplegen. Ze zullen het nieuws halen uit een
combinatie van de beschikbare mogelijkheden.
Dat nieuws moet wel binnen die nieuwe mogelijkheden op elkaar zijn
afgestemd.

3. joop Schouten
zegt:
donderdag 3 december 2009, 13:43 uur
Er is maar één algemeen antwoord op te verzinnen die iedere journalist,
redacteur en eigenaren van kranten in het algemeen als tegeltjeswijsheid aan alle
muren van hun kantoren zouden moeten hangen:
WAARHEIDSVINDING EN NIETS ANDERS DAN WAARHEIDSVINDING.

4. mr drs R. Winter
zegt:
donderdag 3 december 2009, 19:15 uur
De netiquette is een wassen neus.

5. Joe van Oosten
zegt:
donderdag 3 december 2009, 21:32 uur
Kees Versteegh schreef:
“Op deze vragen probeert hoofdredacteur Birgit Donker (foto) een antwoord te
geven in een filmpje dat wij op de website hebben geplaatst.”
Wanneer zou er nou eens een einde komen aan het verkeerde en oubollige
gebruik van het woord ‘filmpje’ als er een digitaal videofragment bedoeld wordt?

6. Rob Nuijten
zegt:
donderdag 3 december 2009, 23:46 uur
ik begrijp nog steeds niet waarom het NRC glashard beweerde dat
Ahmadinejad anti-semitische uitspraken heeft gedaan bij zijn toespraak voor de
VN, en dat het NRC niet reageert op mijn emails die de redactie erop wezen dat
dat pertinente onwaarheid is. Het is een ernstige beschuldiging die is geuit door de
krant, zonder weerwoord (zie Stijlboek) van de beschuldigde, en blijkbaar zonder
het checken van verifieerbare feiten, en het vervolgens negeren van meldingen
over deze fout, en het dus ook niet publiceren van een correctie.

7. Kathlyn Clore
zegt:
vrijdag 4 december 2009, 02:58 uur
Is there a style guide available for the international edition, in English?
I ask because I am an editor who is very interested in English-language style
guides of publications not based in the UK or the US.

8. Alphonse Scaf
zegt:
vrijdag 4 december 2009, 23:01 uur
“De vrijheidsgedachte die wij voorstaan, betekent ook verdraagzaamheid
tegenover andersdenkenden, want de vrijheid die wij voor onszelf opeisen, kunnen
wij, krachtens die gedachte, anderen niet ontzeggen. De grens van die
verdraagzaamheid ligt evenwel daar waar anderen onze vrijheid dreigen aan te
tasten.”
“Wie zich richt tot een publiek dat bereid is na te denken, doet een beroep op
de rede, die hijzelf ook hanteert. In een tijd dat allerlei irrationele verschijnselen
weer de kop opsteken en vaak op modieus applaus kunnen rekenen, menen wij
hiermee een functie te verrichten die nog zin heeft. Het antwoord is evenwel aan
de lezer.”
Beginselverklaring 1970 NRC-Handelsblad
Of deze en andere intenties steeds waargemaakt worden is mede afhankelijk
van wie de inhoud controleert en uiteindelijk vrijgeeft ter publicatie. Over het
resultaat kan de aandachtige lezer zelf een oordeel vellen.
In de tijd van internet komt er het aspect van interactiviteit via fora bij. De vox
populi in al zijn verscheidenheid maakt zich breed met de in het oog springende
kwaliteit van het berijden van stokpaardjes. Ook de vox Dei verkrijgt zijn plaatsje,
eigenaardig genoeg voor dit blad.
De krant krijgt er een voor haar wezensvreemde taak bij. Niet meer bronnen
controleren maar mensen toelaten tot een forum zonder ze te kennen en zonder
weet te hebben van hun ware bedoelingen.
Kunnen intenties als boven geciteerd dan nog gehandhaafd worden? Kunnen
gedragsregels toegepast en doorgezet worden, het discussiëren met open vizier,
en met zorgvuldige en onderbouwde argumentatie (zie ook de nettiquette) met
name?
Het discussieforum blijkt het aantrekkelijkst van alle NRC-fora. Je mag dan
verwachten dat je iets terugziet van een fair debat en dat zeker speculaties,
geruchten en het verdacht maken de kop worden ingedrukt. Dat is geenszins het
geval. Een hetze gericht op meerdere personen kan ongestraft maandenlang
doorgaan. Aanstichters kunnen hun activiteiten nog steeds voortzetten, anoniem,
ook dat nog. Gevolg, deelnemers haken af, propaganda gaat de boventoon
voeren. Weg debat, weg een podium voor vrije meningsvorming.
Neemt de krant de fora wel echt serieus, kan ze er voldoende aandacht aan
besteden? Onderhand heb ik mijn twijfels. Zolang er porno-sites opgenomen
worden weet ik en anderen met mij dat het met het modereren niet best gesteld is.
Je mag toch op zijn minst aannemen dat alles gelezen is dat uiteindelijk verschijnt.
Wordt gekeken achter de opgenomen links? En met lezen bedoel ik het lezen in
verticale zin, het onderhavige blog, en horizontaal, want wat hebben vooral ‘vaste’
deelnemers zoal te melden. Dragen ze in de loop der tijd wat bij of blijft het bij een
herhaling van zetten tot dezelfde woordkeus toe?
Om niet helemaal in mineur te eindigen een voorstel om malversaties te
beperken. Iedereen die wil deelnemen aan een der fora bij de krant verplichten
een te controleren account aan te maken. Voor abonnees is dat al heel makkelijk,
voor niet-abonnees moet een controle op personalia mogelijk zijn, niet een op
blind vertrouwen. De eerlijke deelnemer heeft er recht op beschermd te worden
door de netredactie. Daar ontbreekt het aan is mijn persoonlijke ervaring.

9. Kees Versteegh
zegt:
zaterdag 5 december 2009, 13:43 uur
@Alphonse Scaf. Dank voor uw commentaar. Uiteraard proberen wij alle
reacties te lezen voordat ze worden geplaatst. Door de groei van het aantal
reacties en het aantal interactieve weblogs is dat een steeds tijdrovender taak
geworden.Dit is een van de redenen waarom er soms iets doorheen slipt. Dat mag
echter niet als excuus gelden, zeker niet als het om links gaat naar websites van
laag allooi. Mede hierom zijn wij van plan de komende maanden het aantal fora en
weblogs op nrc.nl terug te brengen.
U houdt ons terecht aan principes als verdraagzaamheid en
controleerbaarheid (Is Alphonse Scaf overigens uw echte naam?) Uw voorstel voor
controleerbare accounts is een interessante, en sluit aan bij onze eigen wensen ter
verbetering van deze website.

10. Jens Bos
zegt:
zaterdag 5 december 2009, 15:22 uur
Ik verbaas me erover dat ik inmiddels al 4 keer een op argumentatie
gebaseerde reactie in de discussie “Waardeert u democratie en vrije markt nog
wel”, niet geplaatst heb gezien, ik voelde mij onterecht opzij gezet en wilde daarop
reageren, hetgeen kennelijk niet mogelijk is…kiest NRC partij?

11. Alphonse Scaf
zegt:
maandag 7 december 2009, 01:11 uur
9 Kees Versteegh – Bijna zou ik zeggen, helaas het is mijn echte naam. Wilt u
een kopie van mijn identiteitskaart? Uiteindelijk ook geen sluitend bewijs.
Om eerlijk te zijn, als ik ooit geweten had wat me te wachten stond was ik nooit
‘open en bloot’ aan deelname in het forum begonnen. Met de vrijheid van
meningsuiting, om het maar eens hoogdravend uit te drukken, wordt werkelijk een
loopje genomen. In alle anonimiteit. Mevrouw Winter heeft absoluut het gelijk aan
haar kant!

12. Liudger Silva
zegt:
maandag 7 december 2009, 15:40 uur
Reeds jaren abonnee:
Waarom?
Abonnee geworden om:
1 Heer Bommel (dagelijks veplichte litteratuur; helaas is er geen vergelijkbare
opvolger gevonden, al zijn Fokke en Sukke natuurlijk niet te versmaden)
2 Scryptogam. Gelukkig bestaat dit nog steeds.
3 Bridgerubriek. Helaas. Ik heb destijds én een liefde voor dit spel én veel van
de theorie uit de NRC opgediept. Er werd echter nadien een slechte scribent
uitgezocht, en toen niemand deze rubriek meer bleek te willen lezen, werd eerst
de ruimte beperkt, daarna werd de rubriek uit de krant verbannen, en later van de
website. Geen verlies overigens. Maar waarom geen goede rubriekschrijver
gezocht? Het kan wel, zie de schaakrubriek, die ik (als niet-schaker) toch altijd met
veel plezier lees.
4 En uiteraard de “gortdroge” nieuwsfeiten. Helaas kwam en komt er steeds
meer emotie in de NRC. Voor emotie lees ik -met enkele korrels zout- de Telegraaf
wel: in de NRC wil ik later de onbesmukte feiten lezen om zo dicht mogelijk bij de
waarheid te komen.
Gelukkig ben ik echter een verstokte papier-lezer: dit slag dreigt uit te sterven?
Er vallen mij een paar dingen op.
Waarom zou ik een abonnnement houden?
A Vrij veel van de inhoud van de NRC wordt gratis op de website aangeboden.
B Onbetaalbare rubrieken als van Marc Chavannes zijn zelfs -ook helemaal
gratis en voor niets- alleen op de website te vinden. Waarom wisselt u die
tendentieuze en misselijkmakend opiniërende kookrubriek niet voor de opklaringen
in. Voor die kookrubriekn moet ik betalen en Marc Chavannes gratis? (maar “de
gustibus non est disputandum”)
C Youp van ‘t Hek gratis?
Wat is in vredesnaam de meerwaarde voor de NRC van een dergelijk goede –
maar gratis- website.
De internet-lezer krijgt bijna alle voordelen van de NRC voor niets: zowel de
selectie van het nieuws, als de uitdieping en het commentaar. Zelfs deze discussie
tussen lezers en redactie vindt in het openbaar plaats. Waarom mag en kan een
Telegraafl
ezer meebeslissen/praten over de inhoud en spelregels van de krant en
de website.
Ook zijn alle discussies en reacties op artikelen gratis. Terwijl dit -aan
onderhoud van de website en moderatoren- wel geld kost.
Mijn voorstel -voor wat het waard is-
1 zet koppen en een enkele alinea gratis op de site.
2 maak één of twee keer doorklikken naar artikelen mogelijk: daarna moet
ervoor betaald worden.
3 er komt zo een driedeling:
3a abonnees op NRC of NRC-Next krijgen toegang tot alle artikelen en de
digitale versies. Zij mogen aan de discussies deelnemen. Voor de papieren editie
zal gekozen moeten worden tussen NRC of NRC-next.
3b Een vorm van tijdelijk abonnement (dag,week maand of jaar) op artikelen
op de website. Deze mogen ook reacties schrijven in de discussies
3c Surfers: deze mogen de koppen en eerste alinea lezen en een beperkt
aantal malen per dag doorklikken naar volledige artikelen. Ik zou ze niet laten
mee-discussieren. Voor wat hoort wat.
Nog een enkele opmerking:
Ik betrapte mijzelf op een gegeven moment erop, dat ik toch wel erg in
herhaling viel met mijn argumenten. Ik hield dan ook maar enige tijd op met
reageren. Wordt er misschien te vaak over vergelijkbare onderwerpen
gediscussieeerd (Geert Wilders)? of hebben teveel onderwerpen uiteindelijk
dezelfde grond (de overbevolking)? of is de werkelijkheid onverbeterbaar (de
beperking van de privacy)? of voelen we ons te machteloos (het gebrek aan
democratie)?
Om een vraag voor te zijn:
Liudger Silva is een pseudoniem. Er zijn onderwerpen, waar ik beroepshalve of
via mijn netwerk meer van wist of weet dan de meeste mensen; hoewel dit met het
klimmen der jaren wel afneemt. Een schrijven onder mijn echte naam –
gecombineerd met sommige beschreven situaties- zou ongewenste consequenties
voor bepaalde personen kunnen hebben. En bedreigingen zit ik niet meer op te
wachten: dus liever een pseudoniem en een lichte vrijheid in het exacte
beschrijven van situaties.

13. Alphonse Scaf
zegt:
woensdag 9 december 2009, 00:44 uur
Als het kan nog een persoonlijke aanvulling op het vorige stukje van Liudger
Silva.
Hetgeen hij in zijn laatste alinea beschrijft herken ik maar al te goed. Het was
voor mij tevens de reden om op een gegeven moment over te stappen op een
pseudoniem. Ondanks bakken laster die ik daarna over me heen kreeg bleef het
voor mij makkelijk om inhoudelijk te blijven reageren zonder notie te nemen aan
die laster. Dat zette kwaad bloed en barbertje moest hangen. Onderwijl was de
netredactie op de hoogte van mijn persoonlijke zorgen, maar desondanks werd ik
gedwongen weer onder eigen naam te reageren. Volslagen onbegrijpelijk gezien
de voorgeschiedenis, een absurd verzinsel van een aantal lieden. Eén persoon
zou schrijven onder een tiental aliassen en die absurditeit wordt inmiddels al
maandenlang steeds opnieuw van stal gehaald. Nog onbegrijpelijker is het feit dat
een van de aanstokers van deze hetze, een propagandist van het zuiverste water,
ongestoord onder diverse namen verder zijn gang kan gaan.
Over welke codes moet je beschikken om allerhande staaltjes van vuilspuiterij
te kunnen uithalen? Of anders, met welke maten wordt door de netredactie
gemeten? Gelezen, zo is mijn ervaring, wordt er door de moderator nauwelijks.
Wel door deelnemers en lezers. Die haken af of beginnen er niet aan.
Al bij al, ook anoniem is niet gelijk aan anoniem… Tom Poes, verzin een list!

14. Liudger Silva
zegt:
woensdag 9 december 2009, 20:48 uur
@ Alphonse Scaf
Mijn indrukken zijn toch iets anders:
Anonimiteit. Op het moment, dat ik besefte dat een reactie van mij voor derden
gevolgen zou kunnen hebben, besloot ik een pseudonniem te gaan gebruiken. Ik
heb daar van de zijde van de NRC nimmer problemen mee gehad. Wel maak ik
altijd gebruik van hetzelfde pseudoniem: zo valt misschien voor oplettende
lezertjes enige consistentie in mijn reacties te vinden. Het pseudoniem heeft ook
niet de NRC weerhouden om in samenvattingen van discussies deze “naam” te
gebruiken: blijkbaar worden soms mijn scriptuurtjes gelezen.
Ik maak mij anders geen illusie: als de NRC dit wil, zou ze mijn echte naam wel
kunnen achterhalen.
Inhoudelijkheid. Een van de voordelen van mijn bovengeschetste
abonnementen is, dat reageren onder verschillende namen en emailadressen in
de papieren gaat lopen als voor elke reactie onder een andere naam/emailadres
weer “toegangsgeld” betaald moet worden. Ik denk/hoop, dat de inhoudelijkheid
ven de discussies hiermee ook zal toenemen en vuilsuiterij deels voorkomen zal
worden.
Moderatie. Mijn ervaring is, dat ik -na een weigering van een bijdrage- vaak
wel kan zien, dat mijn schrijfsel niet geheel brandschoon was. Na herschrijven
wordt mijn reactie toch vaak geplaatst. Soms zie ik echter absoluut geen kwaad in
mijn stukje: ik mis dan een reactie van de moderator, om hiervan te kunnen leren.
Als de reacties afnemen (en daarmee het werk van een moderator), is het
misschien mogelijk om een lijst aan te leggen van mensen die bericht krijgen op
hun “pseudo” mailadres van de reden van weigering: dit kan enkel de kwaliteit van
de discussies ten goede komen.
Daarnaast is toch meerdere malen een reactie van een ander verwijderd als
deze m.i. onterecht door de moderatiezeef geslipt was; uiteraard moest ik dit in
mijn reactie beargumenteren: iemand mag niet onterecht de mond gesnoerd
worden.
Ik merk ook, dat er mensen afhaken: bijdragen onder bepaalde namen
(waaronder ene heer A. Scaf)lees/las ik graag, terwijl er ook onverbeterlijke
betweters op deze site rondzingen, die niet discussieren, maar alleen hun eigen
waarheid kunnen zien.
Dus NRC: verzin als Tom Poes een list om het de heer Scaf mogelijk te maken
te blijven reageren. Tenslotte kunt u via het opgegeven emailadres altijd
communiceren met de betrokkene en daar uw voorwaarden stellen om anoniem te
mogen schrijven.

15. Liudger Silva
zegt:
dinsdag 15 december 2009, 12:28 uur
Toch -hoewel laat- nog even een persoonlijke reactie. Waar wil ik, als lezer, U
aan houden.
Als ik de motivatie van mijzelf bekijk om een abonnement op de NRC (of NRC-
next)te hebben/houden en aan mijn kinderen te geven, dan is dat toch primair om
de kwaliteit van de nieuwsberichtgeving: ik verwacht van de NRC voor mij
geselecteerde (en geverifi
eerde) feiten (géén emoties) op politiek en cultureel
gebied etc. Daarnaast verwacht ik onderzoeksjournalistiek. Ook verwacht ik
diverse analyses/meningen (pro en contra) van themata. En uiteraard commentaar
van de krant.
En dit alles ook nog in redelijk beknopte vorm, dus zonder ellenlange
“telegraafartikelen”.
Dit is m.i. de core business, waarvoor ik wil (blijven) betalen. Want wie anders
kan dit dan een dag-, of weekblad.
Het ging m.i. mis in de berichtgeving over de boosheid van de heer W. Bos
over dingen die de ombudsman gezegd zou hebben. Ik denk, dat de wens om dit
snel te publiceren ten koste ging van de verifi
catie. Bij het artikel leek de
ombudsman iets geheel anders gezegd te hebben, dan later bleek. Van de NRC
verwacht ik beter: eerst degelijk onderzoek, naar wat de ombudsman letterlijk
gezegd heeft, en niet enkel de zegsman voor de ombudsman citeren. Daar wil ik u
aan kunnen houden.
Daarnaast zijn er rubrieken, die zorgen, dat ik -ook als ik een dag geen tijd
neem om de krant te lezen- toch dagelijks de krant opensla. In deze categorie
vallen Fokke en Sukke, ikjes, schaakrubriek, (destijds bridgerubriek) etc. Deze
zorgen er ook voor, dat ik toch ook dagelijks mijn portie advertenties
voorgeschoteld krijg, zonder welke de NRC niet kan bestaan (zonder de
abonnementsprijs te verveelvoudigen). Hiervoor is echter wel een papieren versie
nodig: de digitale voldoet niet, omdat door mij direct het artikel aangeklikt wordt.
Weg advertentie-inkomsten.
Wel verwacht ik ook van de NRC een bepaalde uitstraling: ik zal “nooit” een
recentie op ballet gebied lezen, maar deze recenties kunnen niet gemist worden
voor de uitstraling van het blad. Vandaar ook mijn regelmatig terugkerende
opmerkingen over een goede bridgerubriek, die voor mij (en ik weet vele anderen)
mede de uitstraling bepaalt. Bij de koop van losse weekbladen kies ikzelf enkel
voor bladen met een goede bridgerubriek.
Gelukkig zijn er ook nog de “extra’s: de bijlages. Deze bestaan voor mij enkel
in de papieren vorm: terugdenkend sla ik ze nooit in de digitale vorm open. Dus
zelfs als de dagelijkse krant alleen in de digitale versie opgediend zou worden, zou
voor mij een wekelijkse combinatie van bijlages zeer dierbaar zijn. Uiteraard met
een goede kwaliteit. Als voorbeeld: toen ik eens op een vakgebied een boek kocht,
bleek, dat ik de kennis reeds uit de wetenschapsbijlagen verzameld had. De kennis
werd door het boek enkel verdiept, niet uitgebreid.
Tot zover wat losse opmerkingen over waar ik u aan wil houden. In essentie
komt het erop neer, dat ik een NRC (papier/digitaal) verwacht waarvoor geldt:
De krant wilt u niet missen, geen dag.

16. besserwessie
zegt:
zondag 20 december 2009, 21:10 uur
NRC een kwaliteits krant? Dat is jaren geleden. Ik heb mijn abonnement direct
opgezegd toen ik breedband kreeg. Bij kwaliteit hoort namelijk objectiviteit en
onafhankelijkheid. Marc Chavannes was vele jaren geleden hoofredacteur Haagse
politiek en draaide tegelijkertijd mee in allerlei PvdA studieclubjes. Dat was voor mij
het bewijs van wat ik al lange tijd vermoedde uit de gekleurde berichtgeving, de
objectiviteit van de NRC is verleden tijd.

 



Foto: Sophia Lorenbron

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.