EEN OORLOG TEGEN KINDEREN…

© Abed Rahim Khatib / Anadolu




Om een volk uit te roeien.
 


 
 

ISRAËLS OORLOG TEGEN GAZA IS EEN OORLOG TEGEN KINDEREN

 

Henry A. Giroux

 
Volgens een rapport van het in Gaza gevestigde Community Training Center for Crisis Management geloven bijna alle kinderen in Gaza dat hun dood nabij is, en bijna de helft van hen geeft aan dat ze willen sterven. ‘Kinderen in Gaza zijn niet slechts nevenschade van de oorlog, ze worden vaak actief als doelwit gekozen.’

In november, meer dan een jaar na het begin van Israëls genocide in Gaza, publiceerde een rapport van het in Gaza gevestigde Community Training Center for Crisis Management een lugubere statistiek: ‘Bijna alle kinderen in de bezette Palestijnse enclave geloven dat hun dood nabij is – en bijna de helft van hen wil dood.’ 

Het is geen wonder dat deze statistiek, afkomstig uit een enquête onder families met gehandicapte, gewonde of alleenstaande kinderen, zo somber is. Het recente rapport van Amnesty International legt de omvang van de crisis bloot: ‘De acties van Israël (…) hebben de bevolking van Gaza aan de rand van de afgrond gebracht. Het brute militaire offensief had op 7 oktober 2024 meer dan 42.000 Palestijnen gedood, waaronder meer dan 13.300 kinderen, en meer dan 97.000 anderen verwond, waarvan velen in directe of opzettelijk willekeurige aanvallen, waarbij vaak hele families van meerdere generaties werden weggevaagd.’ 

Dit onvoorstelbare lijden – dat onevenredig veel vrouwen en kinderen wordt aangedaan – vertegenwoordigt een morele gruwel, een politieke schanddaad en een militaristische wreedheid van de hoogste orde. De vernietiging van levens, instellingen en essentiële humanitaire infrastructuur gaat verder dan de uitroeiing van een volk; het is een aanval op toekomstige generaties en op het weefsel van onze gedeelde menselijkheid. Genocidaal taalgebruik ontmenselijkt en maakt het onvoorstelbare mogelijk: een oorlog zonder enige genade, gericht tegen de meest kwetsbaren onder ons, de kinderen.
 

Onzichtbaar

Israëls oorlog tegen Palestijnse jongeren is genocidaal van aard, niet alleen omdat kinderen worden uitgehongerd, verminkt en op gruwelijke wijze gedood, maar ook omdat elke denkbare betekenis van wat het voor deze jonge mensen betekent om gewaardeerd, menselijk en hoopvol te zijn, genadeloos wordt aangevallen.

De oorlog probeert hen te ontdoen van hun waardigheid, waardoor ze onzichtbaar en onwaardig worden in de ogen van de wereld, alsof hun levens vervangbaar zijn en hun dromen onbelangrijk. Dit overweldigende geweld komt neer op wat we kindermoord kunnen noemen: de opzettelijke of systematische vernietiging van kinderen, hetzij door direct geweld, hetzij door verwaarlozing of onderdrukking. Het is een traumatische blijk van collectief falen, een oorlog tegen onschuld, waarbij de fragiele belofte van de kindertijd wordt uitgeblust voordat deze zich kan ontwikkelen. In Gaza, waar kinderen te maken hebben met onophoudelijke bombardementen, ontheemding en ontberingen, is kindermoord niet alleen een daad van geweld, maar ook een vernietiging van het moreel: het uitwissen van toekomsten, dromen en hele generaties. Het is niet alleen een misdaad tegen het kind, maar ook tegen de mensheid zelf. Het laat een leegte achter die met geen woorden te vullen is en die door geen enkele vorm van gerechtigheid volledig geheeld kan worden.

In de VS manifesteert het geweld van de kindermoord zich meer heimelijk in de censuur en onderdrukking van het vrije woord door rechtse politici, neoliberale onderwijzers en een reactionaire miljardairsklasse die geld doneert. Aanvallen op kinderen zijn erop gericht om de verbeeldingskracht en het kritisch vermogen van jonge mensen te smoren, waardoor hun vermogen om zich een rechtvaardigere toekomst voor te stellen wordt uitgehold.

In Gaza neemt kindermoord een duidelijk zichtbare en verwoestende vorm aan. Het geweld daar doodt en verminkt de kinderen, ontzegt hun levensreddende medische behandelingen en berooft hen van hun toekomst, en soms zelfs van hun ledematen. De schaal van deze horror is onthutsend en wordt alleen geëvenaard door de onverschilligheid of actieve medeplichtigheid van landen als de Verenigde Staten, die door hun stilzwijgen of directe steun deze massale gruweldaad aanwakkeren.

Onder de aankomende regering-Trump zullen deze vormen van kindermoord in zowel de VS als in Gaza waarschijnlijk toenemen.

Dit geweld is niet alleen een aanval op het lichaam, maar ook op de geest

In oktober stuurden bijna honderd Amerikaanse zorgverleners die het afgelopen jaar als vrijwilliger in de Gazastrook hebben gewerkt een brief naar president Joe Biden en vicepresident Kamala Harris. Daarin schreven ze dat ‘ieder van ons die op de spoedeisende hulp, intensive care of een chirurgische afdeling heeft gewerkt, regelmatig of zelfs dagelijks kinderen onder de tien jaar heeft behandeld die in het hoofd of de borst waren geschoten. Het is onmogelijk dat zo’n wijdverspreide schietpartij op jonge kinderen in heel Gaza, die al een heel jaar aanhoudt, per ongeluk plaatsvindt of onbekend is bij de hoogste Israëlische civiele en militaire autoriteiten.’ Anders gezegd: veel van deze kinderen werden opzettelijk gedood door Israëlische sluipschutters en andere troepen.

Dit geweld is niet alleen een aanval op het lichaam, maar ook op de geest. Het ontzegt Palestijnen het recht om als volwaardig mens te worden gezien, om deel uit te maken van een gemeenschap die haar toekomst koestert en om te leven in een wereld waar intimiteit en compassie het winnen van geweld en wanhoop. Zulke wreedheid is niet alleen een misdaad tegen een volk; het is een wond in de essentie van ons gedeelde bestaan.

De wereld kon het ware gezicht van kindermoord zien toen in de media nieuwsberichten en video’s circuleerden over een tienerjongen, Sha’ban al-Dalou, die levend verbrandde in een tent in een vluchtelingenkamp dat getroffen was door een Israëlische luchtaanval. Zak Witus beschrijft in The Guardian wat hij zag:

‘Ik klikte op de video die erbij stond en ik kon niet geloven wat ik zag: een brandend inferno, mensen die schreeuwend rondrenden, en daar, te midden van de vlammen, een lichaam dat kronkelde, knetterde; een opgeheven arm, die om hulp reikte, nog steeds vastgemaakt aan een infuus. Ik wachtte tot de volgende ochtend met het delen van de video, totdat de gebeurtenis was gerapporteerd door gerenommeerde nieuwszenders, omdat de beelden te gruwelijk leken om echt te zijn – alsof ze uit een film kwamen – maar ze waren echt: een Israëlische luchtaanval had het terrein van het al-Aqsa Martelarenziekenhuis in de centrale stad Deir al-Balah in Gaza getroffen en er waren minstens vier mensen omgekomen. Wie was de man die we levend zagen verbranden? Zijn naam was Sha’ban al-Dalou, een negentienjarige student software engineering.’
 

Uitroeiing

De moord op Sha’ban al-Dalou staat niet op zichzelf; ze is onderdeel van een vernietigingsoorlog. Hoe kan een land Israël blijven steunen, een schurkenstaat die een beleid van uitroeiing nastreeft? Hoe kunnen de Verenigde Staten, die volledig op de hoogte zijn van deze genocidale oorlog die straffeloos wordt gevoerd, zich er niet tegen verzetten? Dit is niet alleen een wrede oorlog, maar ook een vernietigende aanklacht tegen West-Europese naties. Zij gaan er prat op dat ze democratieën zijn, maar blijven medeplichtig door hun weigering om de massamoord op en uitroeiing van Palestijnse vrouwen en kinderen te veroordelen of tegen te houden. Het kwaad van het fascisme schuilt niet alleen in zijn daden van systematisch geweld, maar ook in het stilzwijgen van degenen die het mogelijk maken, rechtvaardigen en ervan profiteren.

Zoals Iain Overton, uitvoerend directeur van de in het Verenigd Koninkrijk gevestigde groep Action on Armed Violence, opmerkt: ‘Het falen van de wereld om de kinderen van Gaza te beschermen is een moreel falen op monumentale schaal. We moeten vastberaden en met mededogen handelen om ervoor te zorgen dat de stem van deze kinderen wordt gehoord en hun toekomst wordt beschermd.’ Parlementslid Jeremy Corbyn gaat verder en stelt: ‘Elke wapenleverancier van Israël heeft bloed aan zijn handen, en de wereld zal hem nooit vergeven.’ 

Van alle medeplichtigen heeft de regering-Biden het meeste bloed aan haar handen. Zelfs nu het presidentschap van Biden ten einde loopt en premier Benjamin Netanyahu door het Internationaal Gerechtshof tot oorlogsmisdadiger is verklaard, weigert Biden een einde te maken aan de medeplichtigheid van de VS aan de oorlogsmisdaden van Israël. Zoals Jeffrey D. Sachs opmerkt, heeft Biden ‘het Amerikaanse leger en federale budget overgedragen aan Netanyahu voor zijn rampzalige oorlogen (…) die een regelrechte ramp zijn geweest voor het Amerikaanse volk, de Amerikaanse schatkist triljoenen dollars hebben gekost, Amerika’s status in de wereld hebben verspeeld, de VS medeplichtig hebben gemaakt aan zijn genocidale beleid en de wereld dichter bij de Derde Wereldoorlog hebben gebracht’.
 

Waarschuwing 

De uitroeiing van het Palestijnse volk en de genocidale oorlog tegen zijn kinderen is niet alleen een moordcampagne; het is een berekende aanval op de geschiedenis, het erfgoed en de gedachtenis van de Palestijnen, waarbij systematisch een hele generatie wordt weggevaagd en een leegte wordt achtergelaten waar ooit levens, dromen en de belofte van een toekomst bloeiden. Deze aanval wordt gepleegd door een autoritaire staat met een wreedheid die zo diep gaat dat elke schijn van moraliteit, rechtvaardigheid of vrijheid wordt gedoofd en alleen de troosteloosheid van ongecontroleerde wreedheid overblijft. James Baldwin schreef ooit: ‘De kinderen zijn altijd van ons, stuk voor stuk, overal ter wereld; en ik begin te denken dat wie dit niet kan erkennen, misschien niet in staat is tot moraliteit.’ Vandaag de dag zien we deze vorm van immoraliteit overal; het is een teken van macht geworden, een wapen in handen van degenen die macht verwarren met recht.

De droom van democratie, ooit een baken van hoop, is uitgehold door de gemilitariseerde machinerie van de dood. In Gaza laat deze machinerie zich van haar donkerste kant zien: kinderen zijn niet slechts nevenschade, maar worden doelbewust als doelwit gekozen, hun dood is een huiveringwekkend symbool van een diepere intentie. Hier bereikt de wereldwijde oorlog tegen de jeugd zijn meest gruwelijke climax. De lichamen van Palestijnse kinderen liggen verspreid over de ruïnes van Gaza, als een sombere boodschap en waarschuwing dat niet alleen strijders en militanten moeten worden uitgeroeid, maar dat ook de hoop op een Palestijnse toekomst moet worden vernietigd.

Wat zich in Gaza afspeelt is een voorproefje van het verraderlijke fascisme dat de wereld koloniseert

Wat zich in Gaza afspeelt is geen geïsoleerde gruweldaad; het is een voorproefje van het verraderlijke fascisme dat de wereld koloniseert. De doelbewuste aanval op de meest kwetsbaren onthult een huiveringwekkende machtsberekening, die kinderen niet ziet als dragers van hoop maar als obstakels voor een suprematistische visie op verovering. Hun vernietiging is niet alleen bedoeld om hun levens uit te wissen, maar ook de herinnering aan en de veerkracht van hun volk, zodat het hele concept van de staat Palestina in de vergetelheid raakt.

Dit is de bittere les van onze tijd: de oorlog tegen de jeugd, die op talloze manieren over de hele wereld wordt gevoerd, komt tot een hoogtepunt in Gaza. Kinderen zijn daar niet slechts nevenschade; ze zijn het doelwit van een wrede ideologie die de mogelijkheid van een Palestijnse toekomst wil uitroeien. Als we op dit moment niet ingrijpen, als we niet in staat zijn om op te komen voor de onschendbaarheid van de kindertijd en de universaliteit van mensenrechten, lopen we het risico dat we vergeten wat het betekent om mens te zijn en de idealen en beloften van en hoop op een radicale democratie verliezen.
 

Verzet

Verzet begint met het ontmaskeren van de fascistische dreiging, zodat duidelijk wordt wat deze werkelijk inhoudt: een systematische, berekende aanval op democratie, rechtvaardigheid en menselijke waardigheid. Het gaat niet alleen om het verdedigen van de rechtsstaat; het vraagt om een mobilisatie van collectieve passie en burgermoed om de repressie te bestrijden en massaal verzet op te roepen. De strijd voor gerechtigheid kan alleen beginnen wanneer we de onrechtvaardigheid erkennen die de VS vandaag de dag in zijn greep houdt. Dit is zowel politiek als pedagogisch noodzakelijk.

Om het verzet duurzaam en betekenisvol te laten zijn, moeten mensen niet alleen begrijpen hoe deze schendingen hun eigen leven beïnvloeden, maar ook hoe ze anderen beschadigen en het sociale weefsel verzwakken. Deze erkenning bevordert solidariteit en legt de basis voor verzet dat is geworteld in een gezamenlijk doel en wederzijdse verantwoordelijkheid. Wanneer het politieke en persoonlijke elkaar raken, wordt denken een vorm van actie. De wisselwerking tussen de intieme realiteit van individuele levens en de structurele omstandigheden van de samenleving is wat bewegingen aandrijft die transformaties kunnen bewerkstelligen. Pas dan kan verzet het vluchtige overstijgen en een blijvende strijd voor rechtvaardigheid en democratie ontketenen.

We moeten ruimtes en strategieën creëren die mensen aanmoedigen om vragen te stellen, kritisch na te denken en hun eigen verantwoordelijkheid terug te nemen. Dit betekent niet alleen investeren in directe actie, maar ook in educatie die een collectief begrip kweekt van hoe kapitalisme en imperialisme mensen ontmenselijken, verdelen en zowel sociale verantwoordelijkheid als democratische idealen ondermijnen. Verzet vereist niet alleen daden van verzet, maar ook de vorming van een nieuwe taal, nieuwe verbeelding en nieuwe instellingen die in staat zijn solidariteit te creëren en een cultuur van verzet te behouden.

De ongelijkheden in rijkdom en macht moeten niet alleen benoemd en aangepakt worden, maar ook systematisch ontmanteld

De onderling verbonden crises van scholasticide en kindermoord zijn niet alleen tekenen van het ineenstorten van politiek en moraliteit, maar tonen ook het falen van ideeën en kritisch bewustzijn. Er is een voortdurende strijd om ideeën nodig: een strijd voor radicale verbeelding en bewustzijn als basis voor massaal verzet. De enorme ongelijkheden in rijkdom en macht moeten niet alleen benoemd en aangepakt worden, maar ook systematisch ontmanteld. De inzet is te groot om dit te negeren: de democratie zelf, het leven van gemarginaliseerde groepen, de toekomst van jongeren en het overleven van de planeet staan stuk voor stuk op het spel.

Palestina is een voorbeeld van de veerkracht en kracht van dergelijk verzet, waar onderwijs onder belegering een wapen wordt tegen uitroeiing en waar leren verandert in een vorm van verzet. Initiatieven voor volksonderwijs, ondergrondse scholen en standvastige gemeenschappen die weigeren hun erfgoed op te geven, zijn levende getuigen van het onverzettelijke Palestijnse karakter. De geest van Palestijns verzet belichaamt de morele en politieke essentie van collectieve moed, vastberadenheid en een voortdurende strijd voor vrijheid, rechtvaardigheid en soevereiniteit tegen overweldigende tegenstand. Hun strijd toont aan dat collectieve hoop en de zoektocht naar rechtvaardigheid zelfs onder voortdurende onderdrukking kunnen overleven.

In haar gedicht We Teach Life, Sir weerlegt de Palestijnse dichteres Rafeef Ziadah de veelgehoorde bewering van Amerikaanse experts dat Palestijnen ‘hun kinderen leren te haten’. In plaats daarvan stelt Ziadah: ‘Wij Palestijnen geven les in het leven nadat zij de laatste hemel hebben bezet. Wij geven les in het leven nadat ze hun nederzettingen en apartheidsmuren hebben gebouwd, na de laatste hemel.’ Een multiraciale, multiculturele beweging moet deze levenslessen omarmen. We moeten ons laten inspireren door deze vastberadenheid, onze verdeeldheid overwinnen en samen strijden tegen zowel trumpisme als het neoliberale fascisme dat deze oorlog mogelijk maakte.

Zoals eerder gesteld, is verzet onder de huidige omstandigheden en op dit moment in de geschiedenis geen keuze; het is een absolute noodzaak. Verzet is het heroveren van hoop, rechtvaardigheid en de mogelijkheid van een radicaal betere toekomst, waarbij we kracht putten uit de blijvende voorbeelden van mensen zoals de Palestijnen, die weigeren hun menselijkheid of hun dromen van bevrijding op te geven.
 


BRON
360 magazine10 januari 2025
Dit artikel van Henry A. Giroux verscheen 21 december 2024 in Truthout – Sacramento. Het is uit het Engels vertaald door Marc van Rijswijk.
 


 

 

Uitgelichte foto afkomstig uit de originele site

Geef een reactie

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.