The Six-Day War: The Myth of an Israeli David Versus an Arab Goliath
André Malraux
“Een mensenleven is niets waard, niets is een mensenleven waard.”
zensierte stimmen – mor loushy
Amos Oz
Een tragedie? Ideologieën en propaganda zijn de middelen om mogelijk te maken wat niemand zou mogen willen.
Zo werden en worden mensen nog steeds klaargestoomd zodat ze overtuigd raken te staan voor rechtvaardigheid en gerechtigheid. Deze letterknechten zijn de feitelijke misdadigers, die mensen in het ongeluk storten. Een klassiek voorbeeld…
G.B.J. Hiltermann – 1974
Niet Duitsland, maar Rusland, gaf aanzet tot de aliya
Niettemin betekende begrip tonen voor het Arabische standpunt tot eind 1973 ook begrip tonen voor de mening dat Israël als natie niet kan en niet mag zijn. Daarom verbreiden velen, die dat voor de Arabische zaak kunnen opbrengen, visies over het ontstaan van Israël, die haar het blote recht op bestaan ontnemen. Tot hen behoort Isaäc Deutscher, een Britse journalist met een Pools-Joodse achtergrond en bedenker van de sprong uit het brandende huis en in andermans tuin, daarmee buurmans benen brekend! Deze parabel suggereert dat Israël zijn bestaan dankt aan het misdadig antisemitisme van Adolf Hitler en dat de Joden uit het brandende nazihuis in een Arabische tuin zijn gesprongen, waar zij zich met geweld van meester hebben gemaakt. Een oppervlakkige luisteraar, niet op de hoogte van Israëls ontstaansgeschiedenis, mag dat verhaal geloofwaardig voorkomen. Ik moet hen teleurstellen. Het is zelfs geen ongeoorloofde simplificatie, ja het is een regelrechte falsificatie in strijd met de feitelijke geschiedkundige ontwikkelingen. Want het zijn niet de Duitse antisemieten, de zich nationaal-socialist noemenden, die de stoot hebben gegeven tot het ontstaan van een Joodse vestiging aldaar, evenmin zijn zij de aanzet geweest tot het uitroepen van een Joodse staat. Neen, het zijn Israëls huidige geacharneerde vijanden, de Russen, die de Joodse kolonie hebben doen ontstaan in de regio van wat nu Israël is. De pogroms in Rusland van 1881 tot 1884, waar de beschaafde wereld met ontzetting en afgrijzen van kennis van nam, deed veel Joden besluiten hun leven te wijden aan het zoeken van een betere woonplaats voor het vervolgde volk. Vooraanstaande Russische pleiters voor Joodse assimilatie, zoals de bekende arts Leon Pinsker uit Odessa, diep getroffen door de pogroms, zagen het nutteloze van hun emancipatiestreven in. Uit het Rusland der tsaren keerden daarom de eerste kolonisten, in wat de aliya heet, naar het land terug van hun voorvaderen, naar het beloofde land.
Niet dus springend uit een brandend huis en ook niet in andermans tuin. Slechts na lang aarzelen werd besloten te beproeven het Joodse huis in te richten in het nog onder Turkse heerschappij staande Palestina, toen doorgaans als deel van Syrië beschouwd. Daar zou niet toe zijn besloten, ware niet gebleken dat Palestina praktisch ontvolkt was geraakt. Omstreeks het jaar 1850 telde het minder dan 200.000 inwoners. In de Negevwoestijn zwierven nomaden en rovers die strooptochten ondernamen in de naburige omgeving. Betrouwbare gegevens hieromtrent – uit niet Joodse bron – treft men onder andere aan in een rapport van de Amerikaanse consul-generaal T.G. Wilson uit oktober 1881. Teruggekeerd van een oriëntatiereis vermeldt hij dat de vlakten geheel verlaten en verwaarloosd waren. Bij Jaffa leefden niet meer dan een paar honderd doodarme gezinnen in hutten tezamen met hun vee. In zijn “Recollections of Travels in the East” uit 1830 (herinneringen aan reizen in het Oosten) beschrijft John Carnet de bewoners van Palestina als vreesachtige apathische primitievelingen (barbarians). De landbouwende bevolking leed aan malaria en de oogziekte trachoom. In 1850 telde Haïfa, na Jeruzalem de grootste stad, ongeveer vierduizend mensen. Men treft deze gegevens aan in het boek van Walter Clay Lowdermilk “Palestine Land of Promise” (Palestina, land van belofte) uit 1944, en men vindt ze aangehaald in het boek “Israël” uit 1949 van Jozeph Melkman.
Niet in andermans tuin dus, maar naar vrijwel verlaten gebied trokken de kolonisten. Na de ontboming geërodeerd, werd het verlaten door de grote landeigenaren. Zo weinig belovend scheen de toekomst van dit geteisterde gebied, dat bij het Joodse beraad dikwijls als bezwaar tegen terugkeer naar Palestina werd aangemerkt, dat de Joden wellicht niet in staat zouden zijn dat verwaarloosde land weer vruchtbaar te maken.
Kortom, zo afschuwelijk, zo pervers en vol bedrog kan propaganda zijn en toch geloofwaardig klinken. De gevolgen zien we dagelijks terug, in Palestina of waar ook, waar economische en strategische belangen van politiek en militair in het geding zijn. Vooraf zijn mensen als Hiltermann de nuttige leermeesters om het volk warm te maken voor de enige juiste zaak, ruwweg die van het kapitaal en de bezittende klasse. Daarvoor hoef je geen marxist te zijn omdat te begrijpen.
-
PALESTINA – AL NAKBA
-
EEN LAND ZONDER VOLK…
-
GEEF ME DE FEITEN…
-
VALT OP WAANZIN TE REAGEREN?
-
ZO WERDEN DE MENSEN DOM GEHOUDEN
-
VERONTRUSTEND
-
HET BVD DOSSIER VAN IEMAND DIE ZICH NOOIT HEEFT VERGIST
-
DE BELOOFDE STAAT PALESTINA
-
Een passende sleutel
Uitgelichte foto: betreffende site
Een gedachte over “1967 – De zevende dag”